Dorien in traditioneel Nl'se outfit tijdens de T'ikani teamdag van 1 mei jongstleden
Probeersel 1: Stroop
Aangezien we hier weleens pannenkoeken eten waren we op zoek naar echt beleg daarvoor. Dan kom je al snel uit bij oudhollandse schenkstroop. Die hebben ze hier niet, wel vage amerikaanse aftreksels. Wij (Dorien vooral) besloten het zelf te maken. Hoe moeilijk kan dat zijn? Verschrikkelijk, bleek al snel. Het was maar goed dat we de wat grijzige vloeistof meteen in een fles goten, want zo hebben we ons toch al wat roestige pannetje van de ondergang kunnen redden. De fles hebben we overigens wel weg moeten gooien. Vanwege de knetterharde, smerige klont suiker die al in de hals was gestold.
Conclusie: Mislukt, hoewel het ons wel een sterk toegenomen houding van respect tegenover stroopmakers heeft opgeleverd.
Probeersel 2: Bitterballen
Mark (één van de Nederlandse medewerkers van T’ikani) kwam hier een half jaar geleden met veel branie aanzetten. Hij zou wel ff bitterballen maken. Dat lukte en nu is hij onze vriend. Naar aanleiding van deze geschiedenis zijn we verder aan het experimenteren geslagen. Zodoende hebben wij inmiddels een grote zak ingevroren bitterballen in ons vriesvakje liggen. Na twee matige pogingen (met te weinig en vervolgens te veel boter), zijn we inmiddels zeer te spreken over onze snack-maak-kwaliteiten.
Conclusie: Na wat gepruts, een succeservaring. Ook handig om oude broodjes mee te kunnen verwerken tot een knapperig laagje vettigheid. Vervolgens steeg het ons overigens wat te hoog in de bol: Een kroket valt eerder uit elkaar dan een bitterbal.
Probeersel 3: Bladerdeeg
We verklappen het maar alvast. Veel werk maar een grandioos succes. Zo haal je ze niet uit het vriesvak. Het kost je een ochtend (eindeloos uitrollen, insmeren, opvouwen, in de koelkast, uitrollen, insmeren, opvouwen, etc.), maar dan heb je ook wat. Uiteraard meteen even wat croissantjes gerold, die er wat klein, maar voor een eerste experiment, prima uitkwamen.
Conclusie: Yes!
Probeersel 3a: Saucijzenbroodje
Voor het HEMA-gevoel moesten er natuurlijk wat saucijzenbroodjes met het bladerdeeg worden gemaakt. Jaap kwam op het heldere idee dat daar waarschijnlijk geen puur gehakt in zit en dat bleek te kloppen. Een smerige substantie waar een deeg van bloem en water aan te pas kwam bleek uiteindelijk prima broodjes op te leveren. Handgemaakt is toch lekkerder. Als het lukt dan.
Conclusie: Gelukt
Probeersel 3b: Spinazietaart
Met de laatste ingevroren resten van het bladerdeeg, besloot Dorien een quiche / spinazietaart te maken. Een gewaagd experiment aangezien ze wist dat de moeder van Jaap de beste van de wereld maakt. Dan moet je het een beetje anders aanpakken. Hij was stevig, goed gevuld en pittig. Dat door de smeltende boter uit het bladerdeeg de oven in de fik vloog mocht de pret overigens niet drukken.
Conclusie: Jaap: ‘Anders’, Dorien: ‘Lekker’
Probeersel 4: Frikandel
Er was nog wat van het vleesprutje (3a) over. Geen nood. Eindelijk een frikandel speciaal! Uitjes en saus zijn het probleem niet, hoewel de curry nog best lastig in elkaar te flansen is. De uitdaging lag toch vooral bij de afvalvleesstaaf. De prut werd verstevigd, gekookt en gefrituurd. Het was kwalitatief te goed om de naam frikandel te mogen dragen.
Conclusie: Lekker, maar eigenlijk niet gelukt.
Probeersel 5: Patat (krokant)
Nu we toch aan het snacken zijn: Peru is het land van de aardappel. Ook hier weten ze dat je hem kunt frituren. Maar ze eten hem zelden tot nooit krokant en komt bovendien in negen van de tien gevallen met een schep rijst. Niet echt snackbar-waardig vinden wij. Of het nou echt de moeite waard is om het dan maar helemaal zelf te maken vragen we ons nog steeds af. Maar ach.. Als we het nu niet doen, doen we het nooit meer.
Conclusie: Na verschillende matige experimenten (slap en vies, wel lekker maar te vet, hij wordt wel bruin maar niet knapperig): Gelukt. Al begrijpt geen Peruaan waarom je zoveel moeite zou doen.
Uiteraard zijn we ons ook aan het specialiseren in de Peruaanse keuken. Lomo saltado lukt al, ceviche hebben we nog niet geprobeerd, cuy durven we eigenlijk niet. Reacties van onze Peruaanse vrienden: van ‘Anders..’ tot verbaasde ‘Mwoah.. ik vind het eigenlijk best lekker!’ Ook hún moeder maakt het vast altijd nét een beetje lekkerder..
Pachamanca. Gat in de grond met gloeiende stenen, aardappels, tuinbonen, gevulde maisbladeren en vlees. Kunnen wij niet.
1 opmerking:
Leuk om te lezen!
Je wordt er in de keuken in elk geval creatiever van! :)
Een reactie posten